Er bestaat echt een verkeerd beeld van een schooldirecteur

Tweestromenschool Doborah Snoeren

Is het beroep van schooldirecteur echt zo zwaar? Ja, het is pittig, zegt Deborah Snoeren (36), schoolleider van de Tweestromenschool in het Gelderse Heerewaarden.

De directeuren voeren op 12 september actie voor betere lonen, minder werkdruk en vooral meer erkenning.

Met haar boterhammetjes voor zich strijkt ze neer op de stoel van meester Paul, de leerkracht van groep 3-4. Terwijl meester Paul pauze viert, eet schoolleider Deborah met zijn klas. En dat is gezellig. Ze praat met de leerlingen over wat ze deze week hebben gedaan. Hoe hun weekend is geweest. Intussen draait ze bekers open en repareert ze een broodblik. “Zullen we nog een keer een grap uithalen,” oppert leerling Bart. Vorige week gingen de kinderen allemaal gillend op hun stoel staan toen hun eigen meester weer terug de klas in kwam. Ze deden alsof er een muis in het lokaal zat. “Ga je alvast iets bedenken?” antwoordt juf Deborah.

Het is alsof ze dagelijks voor de klas staat. Maar niets is minder waar. Deze schoolleider is op haar 26ste al begonnen als directeur van de Tweestromenschool. In de eerste jaren combineerde ze die baan nog met een paar dagen voor de klas – “ik wilde met de voetjes in de klei blijven” – maar dat is niet meer te doen. Daarom geniet ze juist van de overblijf. “Er bestaat een verkeerd beeld van een schooldirecteur. Mijn vriendinnen durven echt niet meer te zeggen dat ik zo lekker veel vakantie heb,” aldus Snoeren.

“Mijn vriendin­nen durven echt niet meer te zeggen dat ik zo lekker veel vakantie heb”

Nee, dit is geen schooldirecteur die vanuit ‘een ivoren toren’ haar school leidt. ‘Juf Deborah’ weet precies wat er in de klaslokalen en schoolgangen gebeurt. De Tweestromenschool is een kleine school met ongeveer 100 leerlingen in Heerewaarden (een dorp tussen de Maas en Waal in Gelderland). Het is de enige school in het dorp.

Imago
Toch begrijpt deze schoolleider best dat er een slecht imago aan haar beroep kleeft. Toen Snoeren op haar 26ste de Tweestromenschool onder haar hoede nam, had ze werkelijk géén idee waar ze aan begon. “Ik wist niet eens wat een schooldirecteur precies deed. Dat heb ik nog hardop gezegd tijdens mijn sollicitatiegesprekken,” bekent ze. Toch werd ze aangenomen. Lachend: “Ik ben helemaal niet onzeker aangelegd, maar vroeg wel of ze soms niemand anders hadden.” En het lukte haar – ‘dat heb ik echt niet alleen gedaan hoor’ – de Tweestromenschool van een zwak inspectieoordeel af te helpen.

Maar hoe klopt dat beeld van een schoolleider dan niet? Ze vertelt over een ouder die een gesprek met haar wilde. Normaal vraagt ze waar het over gaat, omdat zij meestal niet de aangewezen persoon is om dat gesprek te voeren. Maar deze keer besloot ze het niet te doen. “Bleek dat de ouder van alles vertelde over problemen met haar kind. Dat hoort ze natuurlijk met de leerkracht te bespreken. Blijkbaar bestaat het idee dat de directeur daarover gaat.”

En nog iets, het idee is dat veel schooldirecteuren leraren zijn die toevallig iets beter zijn in hun werk en er wat extra’s bij doen. Maar nee, Snoeren is absoluut geen leraar plus die er wat taken bij doet, benadrukt ze. Ze moet de begroting van ongeveer een half miljoen euro jaarlijks rond krijgen. De afgelopen jaren heeft ze zich verdiept in nieuwbouw van de school. Ze moet zorgen dat ze genoeg leraren voor de klas en ondersteunende medewerkers heeft. En ze moet de onderwijsvisie op de Tweestromenschool bewaken.

Schoolplein
Bovendien probeert ze de ouders van alle leerlingen zoveel mogelijk bij de school te betrekken. “Tegenwoordig mag je gelukkig zijn als er tien ouders naar een informatieavond van de klas komen. Ik vraag me dan af waarom ze niet komen en probeer daar iets aan te doen,” vertelt ze. Deze directeur staat op vrijdagochtend op het schoolplein om iedereen welkom te heten. Ze wil zichtbaar zijn.

Ook al doet deze directeur dat allemaal met hart en ziel, ze voert op 12 september actie. “Het klinkt als mosterd na de maaltijd, maar we zijn tijdens alle lerarenprotesten vergeten voor onszelf op te komen,” verklaart ze. “Nu zijn wij aan de beurt. Mensen moeten weten dat we meer doen dan lesgeven. Is het pittig? Absoluut. Moet je een olifantenhuid hebben? Ja. En toch is dit het mooiste beroep van de wereld.”

Bron: Brabants Dagblad,  foto boven: Koen Verheijden.